Vergeet de cirkels en methoden.
Veel mensen beginnen een portret met een cirkel. Ze hebben gehoord dat dit de ‘juiste’ methode is. Ik zal je direct uit die droom helpen: een cirkel is vaak de kortste weg naar een mislukt portret.
Omdat een cirkel je dwingt om te tekenen wat je denkt te weten, in plaats van wat je daadwerkelijk ziet. Elk gezicht is uniek, en die uniekheid vang je niet in een standaard bolletje. Regels en methoden maken kaders. Vrijheid met een beperking. En in kunst is dat een overlijdensbericht.
Stap 1: De kracht van de rechte lijn (De opzet)
Ik maak het mezlef makkelijk in het begin, ik pak zoveel mogelijk rechte lijnen. Omdat je rechte lijnen veel makkelijker inschat dan rondingen. Kijk, dat werkt zo: teken een cirkel. Zo, hup uit de losse pols. Dat is zeker niet makkelijk. Teken dan nu een vierkant. En zet daarin opnieuw een cirkel. Ja, dat lijkt er dan meer op. Stel dat je het vierkant nog verdeelt met een kruis, in 4 stukken, dan gaat het nog makkelijker.
Vandaar: rechte lijnen geven je referentie voor de kromme lijnen.
- Teken wat je ziet, niet wat je weet: Kijk naar de hoeken van het gezicht. Waar loopt de kaaklijn? Waar stopt het voorhoofd? Gebruik korte, strakke strepen om het ‘geraamte’ van het gezicht neer te zetten.
- Gebruik hulplijnen voor de basis: Ik begin bijna altijd met een simpele streep waar de onderkant van de ogen moet komen. Dat is je ankerpunt.
- Fouten maken mag (graag zelfs!): In de eerste 10 – 20 minuten maakt het niet uit of het perfect is. Het is veel makkelijker om een ‘foute’ rechte lijn te corrigeren naar een goede, dan te worstelen met een cirkel die vanaf het begin al niet klopt. In de video hieronder laat is je zien hoe ik een te smal gezicht corrigeert tijdens het schetsen. Waarbij ik handig gebruik maak van de ‘foute’ lijnen als referentie.
Stap 2: Schaduwranden als jouw kompas
Hier maken de meeste beginners een cruciale fout: ze gaan direct details tekenen. Een oog, een neus, een mond. Beter van niet!
De truc van de profs: Teken niet de onderdelen, maar teken de randen van de schaduwen. De schaduwen vormen het frame van het gezicht.
- Kijk naar de schaduw op de neus of de wang.
- Teken de lijnen die de grens aangeven tussen licht en donker. Zo ontstaat het perspectief en de gelijkenis vanzelf, zonder dat je hoeft te stoeien met ingewikkelde anatomische formules.

Stap 3: De 10-minuten schets op ‘goedkoop’ papier
Ik begin bijna nooit direct op een duur vel Strathmore of ander ‘goed’ papier. Zeker als je pas begint is de druk om het ‘goed’ te doen erg groot en dat blokkeert je creativiteit. Met houterige lijnen als gevolg.
- Pak een schetsblok van de Action: Hier kun je naar hartenlust in gummen, kliederen en opnieuw beginnen. Neem dan wel minstens een 30 x 40 cm formaat, dan heb je de ruimte om echt te gaan tekenen. Anders ben al weer snel bezig met passen en meten en dat gaat weer ten koste van je focus op de verhoudingen. Je maakt het jezelf dan eigenlijk 2 x zo moeilijk.
- 3x zo moeilijk: Veel mensen doen nog iets extra’s wat tegenwerkt: hun voorbeeld vergroten of verkleinen. Door je voorbeeld niet 1 op 1 te tekenen gooi je er nog een extra hindernis tegenaan. Neem minstens een 20 x 30 cm voorbeeld. Want hoe pietepeuteriger hoe lastiger om die verhoudingen echt goed te tekenen.
- De transfer: Pas als je schets staat en de verhoudingen kloppen, zet je deze over naar je ‘goede’ papier (bijvoorbeeld met een lightpad). Zo blijft je dure papier schoon en onbeschadigd, klaar voor het echte werk met grafiet en houtskool.
In de video hierna een korte sessie waarin je ziet hoe je een portret begint met een schets
Nog een extra puntje: waarom je portret pas ‘leeft’ met de achtergrond
Je denkt misschien dat de achtergrond een bijzaak is, maar het is je geheime wapen voor een 3D-effect. Door een achtergrond donkerder te maken, laat je het gezicht letterlijk naar voren komen.


Gebruik grafietpoeder en een prop watten voor je achtergrond. Het is snel, egaal en geeft direct die professionele uitstraling die een portret ‘Net Echt’ maakt.
Conclusie: Durf je de controle te verliezen?
Portret tekenen is een proces van kijken, durven en vooral: vergeten van de traditionele methodes. Durf je die cirkel te laten vallen en te vertrouwen op je eigen waarneming? Bovendien er kan je niks gebeuren als je de tekening later overzet van schetspapier naar je ‘echte’ tekenpapier. ( maar als je met een zacht, bijvoorbeeld B potlood schetst zie je later ook niks meer van die onderliggende lijnen. )
Geen lightpad?
In het begin had ik geen lightpad. Maar ik kocht een rol van dat bruine afplaktape bij de Action, plakte dan de schets op een raam en daaroverheen het goede papier. Dat ging ook, vooral als de zon erop stond. Nog een voordeel: ik kon op heel grote vellen werken.
Als laatste aanvulling: materialen
Ik maakte een overzicht van de materialen die ik gebruik. Handig voor je als referentie. Je hebt echt niet gelijk alles nodig maar het geeft je wel een goede indruk van wat er mogelijk is. Het is een pdf bestand, als je op de button klikt kun je het lezen. Geen email en je komt niet op een lijst.

“Portretten tekenen? Ik keek er jarenlang tegenop..”
Tot ik ontdekte dat een goed portret niet begint bij je hand, maar bij hoe je kijkt. Mijn fascinatie voor beeld en compositie begon op de Fotovakschool maar pas in 2013 viel alles op z’n plek toen ik gezichten wilde vangen op papier.
Mijn doel met Portretpassie: een verslag van alles wat ik ontdekte en leerde. Zodat er naslagwerk met enkel praktijk ervaring ontstond. Geen theoretisch gezever. En nu kan jij ook zien dat portrettekenen geen frustrerende strijd hoeft te zijn, maar eerder een prachtige ontdekkingstocht naar karakter en emotie.
Paul Bakker, portrettekenaar en auteur
